BESTE LEDEN LOG IN A.U.B.

    Rasbeschrijving van de Tsjechoslowaakse Wolfhond

    Deel
    avatar
    Admin
    Admin
    Admin

    Aantal berichten : 94
    Punten : 277
    Registratiedatum : 15-04-11
    Leeftijd : 37
    Woonplaats : Amsterdam

    Rasbeschrijving van de Tsjechoslowaakse Wolfhond

    Bericht  Admin op ma 18 apr 2011, 00:28

    Ras groep van de Tsjechoslowaakse Wolfhond
    De Tsjechoslowaakse Wolfhond behoort tot de Rasgroep "Herdershonden"


    Geschiedenis van de Tsjechoslowaakse Wolfhond:

    In 1955 vond een biologisch experiment in de CSSR plaats n.l. de kruising tussen een Duitse Herdershond en een Karpatenwolf. In 1965, na het beëindigen van het experiment, werd een plan uitgewerkt om met dit ras te fokken. De voorkeur werd gegeven aan de wilde soort (Uithouding, weerstandsvermogen, grote waakzaamheid, en natuurlijk ontwikkeld gedrag) en de hond te combineren. In 1982 werd de Tsjechoslowaakse Wolfhond, door de rashondenvereniging in de CSSR, als nationaal ras erkend.

    Het ontstaan van het ras

    In 1950 tot 1955 werkte de Ing. Karel Hartl een mogelijkheid uit om de werkprestatie van de Duitse Herder te verbeteren, die in de toenmalige CSSR bij het leger en de grenspolitie veel interesse vond. In 1955 probeerde hij zonder resultaat, een uitgezochte Karpatenwolvin "Brita" en een speciaal uitgezochte Duitse Herder reu in het kennelcomplex Libejovice te paren. In Maart 1957 probeerde men het opnieuw. Ditmaal werd de Duitse Herder uitgewisseld. Met dezelfde Karpatenwolvin en de Duitse Herder reu "Cezar z Brezoveho haje". (le lijn van de Tsjechoslowaakse Wolfhond). De pups werden op 28 mei 1958 geboren.
    Brita werd nog een keer met een Duitse Herder gepaard (Kurt z Vaclavky) en de nakomelingen van deze paring vormen de 2e lijn van de Tsjechoslowaakse Wolfhonden. De 3e lijn komt ook uit Bohemen. De pups van de wolf "Argo" en de Duitse Herder teef "Asta z SNB" werden in Bychory geboren
    Ter gelegenheid van een internationaal kynologisch congres in Praag op 14 juni 1955, legde Ing. Karel Hartl tijdens een lezing " Resultaten van kruisingen van wolven met honden" deze vooropgezette proeven uit. Deze lezing werd met grote interesse gevolgd. Tot de belangrijkste resultaten behoorde de conclusie, dat een kruising van wolf en hond, in principe mogelijk is. (Zal echter nooit door leken gedaan worden, ongeacht welke bedoelingen erachter staan!!!!. Opmerking van de schrijver: Kijk maar naar de problemen met de hybriden). Reeds in de 2e generatie kon de ofrichtbaarheid van de kruisingen bewezen worden, waarbij zich een zeer goede oriëntatie van de dieren, vooral in de nacht toonde. Uitdrukkelijk werd gewezen op het hogere uithoudingsvermogen van de kruisingen, waarbij de uiterlijke kenmerken van de wolf, speciaal zijn hoogwaardige vacht, door de generaties behouden bleef.
    Kruisingen brachten zeer interessante resultaten: Bij de puppy's van de 1e kruisingsproeven zetten duidelijk de eigenschappen van de wolf door. De latere generaties bezaten reeds eigenschappen van gedomesticeerde dieren, die zich verder gebruiken lieten.


    Karakter van de Tsjechoslowaakse Wolfhond:

    Karakter en natuurlijke aard
    Absolute gehoorzaamheid moet men van een wolfhond niet verwachten omdat bij hem, zoals bij veel hondenrassen wel het geval is, de bereidheid om te onderwerpen ontbreekt. Binnen de familie zoekt hij zijn eigen "baasje" zelf uit. Hij ziet zijn familie als zijn roedel en welke plaats hij daarin inneemt, bestempelen uiteraard "zijn" mensen.
    Belangrijk : TW heeft gezelschap en beweging nodig! Als u aan zijn behoefte voldoet en hem lichamelijk en geestelijk uitdaagt, dan is hij een hond die zich zeer goed aanpast. Steeds is hij nieuwsgierig en ondernemend en houdt hij ervan, u op uw wandelingen in de vrije natuur, fiets- of ski-touren te begeleiden in het daarvoor geschikte gebied. Krijgt hij echter niet genoeg aandacht of uitloop, dan is hij snel verveeld en kan hij op domme gedachten komen.
    Dan kan het gebeuren, dat hij de woning op zijn kop zet. Iedereen, die besloten heeft, zo'n hond in de familie op te nemen, moet zich erop instellen, dat er in de toekomst een paar uur gezamenlijk met de hond in weer en wind gewandeld moet worden. Als uiterst zelfstandige hond heeft hij echter een consequente opvoeding nodig


    Rasstandaard van de Tsjechoslowaakse Wolfhond:


    Land van oorsprong:
    Tsjechoslowaakse republiek

    Patronage:
    Slowaakse republiek

    Gebruik:
    Gebruikshond

    F.C.I. classificatie:
    Groep 1, Herders- en veedrijvers
    Sectie 1, Herders met werkproef

    Oorspronkelijke, geldige standaard gepubliceerd op: 28-04-1994


    Kort historisch overzicht:

    In 1955 vond in de toenmalige CSSR een biologisch experiment plaats, een Duitse herder werd met een Karpatenwolf gekruist. Uit dit experiment bleek dat de pups uit de kruising hond x wolvin en uit de kruising teef x wolf, levensvatbaar waren. Het merendeel van de pups die voortgekomen zijn uit deze kruisingen bleken genetisch geschikt te zijn om mee verder te fokken.

    Na het beëindigen van dit experiment werd in 1965 een project opgesteld voor dit nieuwe ras. Het doel was de goede eigenschappen van de wolf en die van de hond met elkaar te combineren. In 1982 werd het ras door de algemene vergadering van de Tsjechoslowaakse Federale Bond voor Fokkers van de toenmalige CSSR als nationaal ras erkend.


    Algemene verschijning:
    Krachtig, gebouwd, boven de gemiddelde grootte, met een rechthoekig uiterlijk. Zijn lichaamsbouw, gangwerk, vachtstructuur, kleur en masker, gelijkend op een wolf.


    Belangrijke verhoudingen:

    Lichaamslengte :
    schofthoogte = 10 : 9

    Lengte voorsnuit :
    lengte schedel = 1 : 1,5


    Karakter en temperament:

    Levendig, zeer actief, met een groot uithoudingsvermogen. Leert en reageert zeer snel. Onverschrokken en moedig. Argwanend, maar zal zonder reden niet aanvallen. Toont enorme trouw aan zijn baas. Bestand tegen alle weersomstandigheden. Veelzijdig inzetbare gebruikshond.

    Hoofd:
    Symmetrisch, goed gespierd. Zowel van boven als van opzij gezien heeft het hoofd een stompe wigvorm. Duidelijk geslachtstype.

    Schedelgedeelte:
    Zowel van voren als van opzij gezien is het voorhoofd licht gewelfd. De occiput is duidelijk zichtbaar. Matige stop.

    Aangezichtsgedeelte:

    Neus :
    Ovaalgevormd, zwart.

    Voorsnuit:
    Glad, niet breed, rechte neusbrug.

    Lippen:
    Strak gesloten, zonder ruimte i/d mondhoeken. De lipranden zijn zwart.

    Kaken/ gebit:
    Goed ontwikkelde tanden, m.n. de hoektanden. Schaar- of tanggebit met 42 gebitselementen, zoals gebruikelijk geformeerd. Regelmatig geplaatst.

    Wangen:
    Glad, voldoende bespierd, zonder (opvallende) bakken.

    Ogen:
    Klein, schuin geplaatst, barnsteenkleurig, met goed gesloten
    oogleden.

    Oren:
    Staand, dun, kort (d.w.z. niet langer dan 1/6 van de schofthoogte). De buitenste punt v/d ooraanzet en de buitenste ooghoeken liggen op één lijn. Een loodlijn vanuit de punt v/h oor loopt vlak langs het hoofd.

    Hals/ nek:
    Droog, goed gespierd. In rust in een hoek van 40° met de horizontale lijn. De halslengte moet zodanig zijn, dat de neus van de hond moeiteloos de grond kan raken.

    Lichaam:
    Bovenbelijning : Vloeiende overgangen van hals naar lichaam, licht dalend.

    Schoft:
    Goed gespierd, duidelijk zichtbaar. Hoewel zichtbaar mogen de schouders de bovenbelijning niet verstoren.

    Rug:
    Sterk en recht.

    Lendenen:
    Kort, goed gespierd, niet breed, licht gewelfd.

    Bekken:
    Kort, goed gespierd, niet breed, licht hellend.

    Borstkas:
    Symmetrisch, goed gespierd, ruim, peervormig en naar
    het borstbeen toe nauwer wordend. De onderkant v/d borstkas komt niet tot aan de ellebogen. De punt v/h borstbeen komt niet voorbij het boeggewricht (geen voorborst).

    Onderbelijning en buik:
    Strakke oplopende buiklijn, licht ingevallen flanken.

    Staart:
    Hoog aangezet, in rust recht naar beneden hangend. Als de hond attent is of in actie, wordt de staart hoger gedragen in een sikkelvorm.


    Ledematen

    Voorhand:
    De voorbenen zijn recht, glad, dicht bij elkaar geplaatst, met licht naar buiten gedraaide voeten.

    Schouder:
    Het schouderblad is tamelijk ver naar voren geplaatst, goed gespierd. Het vormt een hoek van bijna 65° met de horizontale lijn.

    Opperarm:
    Sterk gespierd, een hoek van 120° tot 130° vormend met het schouderblad.

    Ellebogen:
    Goed aangesloten, noch in- noch uitdraaiend, goed gedefinieerd,flexibel. Opperarm en voorbeen vormen een hoek van ongeveer 150°.

    Voorbeen:
    Lang, glad en recht. De totale lengte van de voorbenen en de

    middenvoet bedraagt 55% van de schofthoogte.

    Polsgewricht :
    Krachtig en flexibel.

    Middenvoet:
    Lang, een hoek van minstens 75° met de grond vormend. Licht verend in beweging.

    Voorvoeten:
    Groot, licht uitdraaiend, vrij lange gebogen tenen met sterke, donkere nagels. Goed ontwikkelde, elastische donkere voetzolen.

    Achterhand:
    Krachtig. De achterbenen staan parallel. Een denkbeeldige verticale lijn vanuit de punt van het zitbeen zou midden door het spronggewricht lopen.

    Eerste dij/ bovenschenkel:
    Lang, goed gespierd. Vormt een hoek van 80° met het bekken. Het heupgewricht is stevig en flexibel.

    Knie:
    Sterk en flexibel.

    Tweede dij/ onderschenkel:

    Lang, glad, goed gespierd. Vormt een hoek van ongeveer 130° met de hak.

    Spronggewricht :
    Glad, stevig en flexibel.

    Hakbeen:
    Lang, glad, praktisch vertikaal t.o.v. de grond geplaatst.

    Achtervoet:
    Vrij lange, gebogen tenen met sterke donkere nagels.

    Gangwerk:
    Harmonieus lichtvoetig, veel grond beslaande draf, waarbij de ledematen vlak bij de grond blijven. Hoofd en hals worden horizontaal gedragen. In stap gaat de hond in telgang.

    Huid:
    Elastisch, stak, zonder rimpels en ongepigmenteerd.


    Vacht en vachtstructuur:

    Recht en dicht. De winter- en zomervacht verschillen veel van elkaar. In de winter vormt de enorme ondervacht met de bovenvacht een dikke vacht om het gehele lichaam. Het is noodzakelijk dat de buik, binnenkant van de dijen, het scrotum, binnenkant van het oor en het gebied tussen de tenen behaard zijn. Rond de hals bevindt zich een duidelijke kraag.

    Vachtkleur:

    Van geel-grijs tot zilvergrijs met een karakteristiek licht masker. De onderzijde van de hals en de voorborst zijn licht gekleurd. Een donkergrijze kleur met masker is toegestaan.

    Hoogte en gewicht:Schofthoogte:
    reuen: minimaal 65 cm.
    teven: minimaal 60 cm.

    Gewicht:
    reuen: minimaal 26 kg.
    teven: minimaal 20 kg.

    Fouten:
    Iedere afwijking van bovengenoemde punten moet als een fout beschouwd worden en de mate waarin deze fout wordt aangerekend dient in de juiste verhouding te staan tot de ernst van de fout.- Zwaar of licht hoofd, vlak voorhoofd.
    Donkerbruin, zwarte of anders kleurige ogen.
    Zwaar oor. Hoog of laag aangezet oor.
    Hoog gedragen hals in rust, laag geplaatste hals in stand.
    Niet geprononceerde schoft, a-typische bovenbelijning, lang bekken.
    Te veel of te weinig hoeking in de voorhand, zwakke middenvoeten.
    Te veel of te weinig hoeking in de achterhand. Onvoldoende bespiering.
    Lange staart, laag aangezet en niet correct gedragen.
    Nauwelijks zichtbaar masker.
    Korte, slingerende gangen.

    Diskwalificerende fouten:

    Afwijkingen in proporties.

    Fouten in gedrag en temperament, a-typisch hoofd, missende gebitselementen, ongelijkmatige beet. A-typische vorm en plaatsing van het oog.
    Keelhuid, sterke bekkenhelling.
    A-typische ribbenkast, foute en a-typische plaatsing van de voorbenen.
    Uitstaande en a-typische vacht, vachtkleur anders dan aangegeven in de standaard.
    Zwakke gewrichten, a-typisch gangwerk.


    N.B.: Reuen moeten twee normaal uitziende teelballen hebben, die geheel in het scrotum zijn ingedaald!

    Het is goed, bij het lezen van de standaard, in het achterhoofd te houden dat de CSV op geen enkel punt op een Duitse Herder mag lijken!


    Gezondheid van de Tsjechoslowaakse Wolfhond:

    De Tsjechoslowaakse Wolfhond kan HD- (heupdysplasie) oogproblemen (EVCO), epilepsie en Hypofysaire dwerggroei hebben.

    De kans dat deze aandoeningen bij een hond uit geteste ouders voorkomt is veel kleiner dan uit niet geteste ouders.
    Vraag dus aan de fokker naar de testresultaten van de ouders, een goede fokker laat deze graag zien en heeft kopieën van de resultaten van de vader of kan deze via een site laten zien.

    HD en oogtesten worden door een specialist uitgevoerd.
    Voor HD worden rontgenfoto's gemaakt en beoordeeld door de Raad van Beheer.

    De beste uitslag voor HD is HD-A. Met HD-B (een overgangsvorm) mag ook vaak gefokt worden.

    Voor de Hypofysaire dwerggroei is een DNA-test beschikbaar. De uitslag daarvan kan Vrij, Drager of Lijder zijn.


    Verzorging van de Tsjechoslowaakse Wolfhond:


    Nog wat algemene info:

    De TW is een zeer temperamentvolle en actieve hond. Het orientatievermogen en verdedigingsdrang zijn zeer hoog ontwikkeld. Het is een zeer levendige en zelfstandige hond en maakt grote indruk door zijn waardigheid. Zijn betrekking tot zijn baas is meer van gelijke hoogte dan onderdanigheid. Het is verstandig de puppy's vanaf de 8e week individueel te behandelen. Het biedt de nieuwe bezitter de mogelijkheid het karakter en de totale ontwikkeling te beïnvloeden. Zijn psychische rijpheid bereikt de TW op een leeftijd tussen 2 en 3 jaar. Zijn ongenegenheid, zich ondergeschikt te maken (niet voor het werk) vraagt in het begin zeer veel geduld, die zich, al is het later, in buitengewone goede betrekking tot zijn baasje en met zeer goede arbeidsresultaten uitbetaald. De ervaring met TW bevestigt de harmonie van de eigenschappen, die door de wolf en de hond vererfd worden. De gehoorzaamheid, geconcentreerde opmerkzaamheid en waakzaamheid. Deze eigenschappen tekenen de TW en maken hem tot een zeer geschikte beschermer van baas en territorium. Zijn uithoudingsvermogen is bewonderingswaardig en overtreft die van het grootste deel van andere rassen met de volle 100%. Langs de fiets loopt de TW gemakkelijk 100 km waarbij hij na deze prestatie 50% sneller herstelt. .als b.v. de Duitse Herder na slechts zo'n halve prestatie


    Opvoeding van de Tsjechoslowaakse Wolfhond:

    Zeer goed toonde de TW zich ook in het speurwerk, wat ze niet alleen als verdedigingshond maar ook als reddingshond geschikt maakt. Hij is uitgesproken bestand tegen verschillende weersinvloeden, uithoudingsvermogend, krachtig en bezit een zeer goed oriënteringsvermogen. Hij is leergierig en reageert snel. Zijn aangeboren voorliefde, welke zich bij iedere inzet als werkhond aanwezig is, laat zich ook sportief benutten zodat de TW in een span bij sledehondrennen net zo goed ingezet kan worden als bij Agility. Omdat deze sporten bij fokkers van TW's steeds meer aanhangers vindt, wordt er steeds een grotere gebruik gemaakt van deze mogelijkheden.
    De meeste honden van dit ras blaffen niet, maar uiten zich in het wolfstypische huilen. Wanneer men een ofrichtingsprogramma wilt volgen, kan dat een probleem geven, omdat men met veel geduld en gevoel, het commando "Luid" aanleren moet.

    Rasvereniging van de Tsjechoslowaakse Wolfhond

    www.wolfhond.org


    Overige informatie over de Tsjechoslowaakse Wolfhond:

    De Tsjech heeft voldoende beweging en een consuquente baas nodig.
    Dit ras is niet geschikt voor een "beginnende'hondenbezitter".

    (bronvermelding: www.wolfdog.org)






      Het is nu ma 17 dec 2018, 04:35